Het geboorteverhaal van Finn

Mijn geboorteverhaal van Finn

Ons borstvoedingsverhaal

‘Ik wil het proberen en we zullen zien hoe het gaat.’
Dat was mijn antwoord tijdens de borstvoedingscursus bij Het Prille begin, toen Bianca vroeg wie van ons borstvoeding wilde gaan geven en wie misschien nog twijfelde.
Het was in 2015, 20 jaar en zwanger van ons eerste kindje, Ibe.
We besloten thuis te bevallen, werden geweldig goed begeleid voor, tijdens en na de bevalling, en de borstvoeding werd een succes. Ibe dronk een jaar aan de borst.
Toen ik in 2019 zwanger was van kleine Finn, was ik er dus zeker van dat hij ook aan de borst zou gaan drinken. Dat leek me evident. En dan minstens even lang. Daar ging ik voor.

Maar zo evident was het allemaal niet…
10 oktober 2019 – Mama wordt opgenomen op de Maternal Intensive Care.
Ik ben 30 weken zwanger wanneer de gynaecoloog ontdekt dat Finn een groeiachterstand heeft. Bijna drie weken later is hij niet meer bijgekomen en besluiten de dokters mij te laten opnemen op de MIC in Genk.
Daar zien ze dat Finn een nierstuwing heeft aan de rechterkant en een vermoedelijk hartprobleem.
Dat Finn na de geboorte op neonatologie zal belanden is dus zeker, maar over de borstvoeding maak ik mij op dit moment totaal geen zorgen.
Ik ben zijn mama en ik beslis dat ik mijn kindje borstvoeding wil geven, dus dat ga ik ook gewoon doen. Toch?
Om een beetje beter voorbereid te zijn op wat zal komen, krijg ik tijdens mijn verblijf op de MIC al een rondleiding op de afdeling neonatologie. De dokter die de uitleg doet vertelt dat kindjes die het goed doen na de geboorte soms meteen bij mama aan de borst kunnen. Top!
Maar Finn wordt na de geboorte direct meegenomen en blijkt ondersteuning bij zijn ademhaling en extra zuurstof nodig te hebben. Borstvoeding is dus voorlopig geen optie.
Van zodra ik zelf terug op de kamer ben, begin ik meteen te kolven.

Omdat de kraamafdeling volledig vol ligt, slaap ik de eerste nacht nog in mijn kamer op de MIC.
Volgens de vroedvrouwen is het niet nodig om ‘s nachts ook elke drie uur te kolven, want ik kan mijn rust goed gebruiken. Maar ik weet dat dat, zeker in het begin, heel belangrijk is om de productie op gang te krijgen.
Ik besluit om toch mijn wekker te zetten en mag de vroedvrouwen een seintje geven als ik klaar ben met kolven, zodat zij mijn melk naar Finn kunnen brengen.

Finn woog bij de geboorte 1580 gram en heeft een infuus en een maagsonde waarlangs hij zijn voeding krijgt. Omdat zijn vertering heel moeilijk op gang komt, starten ze met 3 ml melk per voeding.
Als ik die avond terug naar mijn kamer ga hebben de vroedvrouwen, samen met mijn ouders, mijn spullen al verhuisd naar de kraamafdeling. Het is heel gek om hier te zijn. Ik lig in een nieuwe kamer, de vroedvrouwen ken ik nog niet, en ik ben alleen. Ik lig op de kraamafdeling zonder baby.
En ook hier krijg ik te horen dat ik ‘s nachts niet hoef te kolven, dat ik toch echt wel mijn rust moet nemen. Maar hoe kan ik dat nu doen? Ik wil bij mijn kindje zijn. En ik wil ervoor zorgen dat hij mamamelk krijgt. Als Finn bij mij op de kamer zou liggen, zou ik toch ook ‘s nachts moeten opstaan om hem de borst te geven?
De hormonen helpen natuurlijk ook niet...
Wanneer ik laat op de avond na het kolven bel, zegt de vroedvrouw tegen mij dat ik mijn melk ook zelf mag brengen. En ik zeg niks, en ik neem mijn melk, en ik slenter de gang op. Natuurlijk lig ik op de laatste kamer van de gang, en dat is een stukske wandelen…
Maar vlakbij mijn kamer vind ik een rolstoel, waarmee ik naar neonatologie rol.
Ik geef mijn melk af en ga nog even naast Finn zitten. Niet te lang, want ik ben moe en over een paar uurtjes moet ik hier weer met een nieuw potje melk staan.
Ge zou dan denken: Finn krijgt toch maar een paar milliliter melk? Ja, en ik kolf 40 ml. Maar de melk mag niet bewaard worden op de kraamafdeling en moet meteen in de frigo op neonatologie.

Na een paar dagen kan ik Finn zijn eerste flesje geven. En dat doet hij prima.
Natuurlijk is het wel de bedoeling dat hij aan de borst gaat leren drinken. Tijdens het skinnen lijkt hij regelmatig te zoeken en laat ik hem even aan de tepel liggen.

Het borstvoedingsbeleid
Ja, er is dus een borstvoedingsbeleid in het ziekenhuis. Misschien logisch, maar ik had hier totaal nog geen aandacht aan besteed.
Als mama heb ik hier toch zelf iets over te zeggen?
Gelukkig ziet dat beleid er wel heel goed uit, dus ik hoef mij geen zorgen te maken.
Maar toch heb ik het gevoel dat dat beleid niet wordt toegepast. Toch niet bij mij.
Of werkt dat in het geval van een NICU-baby anders?
Kindjes op neonatologie mogen enkel melk krijgen die in het ziekenhuis gekolfd wordt, en de melk wordt maximum 24 uur bewaard. Daarna wordt het ingevroren en mee naar huis gegeven.
Vlak na Finn zijn geboorte vroeg de verpleging of we gebruik wilden maken van rooming-in.
Toen ik op de MIC lag miste ik Ibe, ons oudste zoontje, enorm. En dus keek ik ernaar uit om af en toe terug naar huis te gaan, Ibe gewoon al zelf terug in bed te kunnen leggen.
Het liefste zou ik mij in twee splitsen, maar dat gaat niet. En mijn hart breekt als ik eraan denk dat ik Finn zal moeten achterlaten.
Maar ik besluit toch om niet voor rooming-in te kiezen en elke avond thuis te gaan slapen.

Op dag 5 mag ik het ziekenhuis verlaten. En dan begint het…

De eerste avond thuis wil ik voor het slapen gaan nog een keer kolven. En dan kom ik erachter dat mijn kolf niet volledig is! Dat er een darmpje mist… Het is ondertussen 23u30. Moe en overstuur sta ik op het punt om dan maar terug naar Genk te vertrekken. Maar ik mag (en kan) niet rijden en Ibe ligt te slapen. Ik kan moeilijk niet kolven.

Maar ik beslis dan toch om het met de hand te proberen. Na een hete douche maak ik een paar kersenpitkussentjes warm en masseer ik daarmee mijn borsten om goed met de hand te kunnen kolven. Volledig leeg kolven lukt niet, maar de meeste melk is er uit.

Omdat Finn geboren is via een keizersnede mag ik zelf twee weken niet met de auto rijden.
Lennert zet mij iedere ochtend af aan het ziekenhuis, nadat we Ibe naar school hebben gebracht en voor hij gaat werken.
Na zijn werk komt Lennert mij terug ophalen en ga ik mee naar huis om te eten en Ibe in bed te leggen.
Overdag probeer ik in het ziekenhuis zoveel mogelijk te kolven, zodat ik Finn dag en nacht van moedermelk kan voorzien.
Nadat ik Ibe in bed heb gelegd, komt mijn mama me thuis terug ophalen en rijden we nog even naar Genk. Net op tijd voor de verzorging van 20u30, en ik kolf nog een laatste keer voor we terug naar huis gaan. Ik maak Lennert wakker voor mijn Clexane spuit en kruip zelf ook in bed.

De nachten zijn lastig. Ik zou liever opstaan voor mijn baby dan voor mijn kolftoestel, ben ongelooflijk moe en durf wel eens door mijn wekker te slapen.

7 uur: Opstaan, douchen, en met natte haren en volle borsten terug richting Genk!

Borstvoeding op neonatologie is geen evidentie

We zijn dag 6, en ik heb vannacht liggen piekeren over de borstvoeding.
Finn drinkt zijn flesjes heel vlot en zijn vertering gaat ook elke dag wat beter.

Maar er heeft mij nog niemand gevraagd of ik graag borstvoeding wil geven.
Dus schiet ik zelf ik actie en laat ik hem voor de eerste keer echt tepelen.
De volgende dag vraag ik aan de verpleegster of ze eens een lactatiekundige kan laten langskomen. Vlak voor de middag komt iemand even bij ons kijken. Ze wil graag eerst even overleggen met de dokter of Finn sterk genoeg is om aan de borst te drinken.
Omdat Finn het goed doet en ik een heel goede productie heb, geeft hij goedkeuring.
En daar blijft het bij…
Bij de verzorging van 11u30 vraag ik aan de verpleegster of ik Finn aan de borst kan laten drinken. En dat lukt!
Het is alleen jammer dat de lactatiekundige geen moment heeft genomen om even mee te kijken, eventueel wat tips te geven. Ibe kreeg ook een jaar borstvoeding, en ik heb dus al ervaring. Maar hoe doe ik dat met een baby van 1600 gram, die in een couveuse ligt en vol kabels hangt?
Zelf kan ik nog niet goed mijn plan trekken. De stoel is eigenlijk te zwaar voor mij om te verschuiven. En dan moet ik Finn nog, met al zijn kabeltjes, uit de couveuse en op mijn schoot krijgen.
De verpleegsters helpen natuurlijk met veel plezier, maar ik val hun daar niet graag mee lastig.
Ook weer typisch mij. Ik wil wel hulp, maar ook weer niet.

Buiten dat ze af en toe komen kijken of het lukt, laten ze mij gewoon mijn ding doen. Misschien ook omdat ze weten dat ik het zelf kan. Maar op momenten dat ik het lastig heb, voelt het alsof ik er alleen voor sta.
Gelukkig kan ik altijd bellen naar Het Prille begin. Voor goede raad, en extra moed om vol te houden.

Melk, melk en nog meer melk!
Dag 9

‘Zouden jullie eens een koelbox kunnen meebrengen? Jullie vriesvak zit volledig vol en we krijgen er niets meer bij.’

Ik moet nog steeds lachen als ik de foto terugzie, van Lennert die met een zak vol moedermelk door het ziekenhuis loopt.
Wat ik dus ook niet op voorhand wist is dat de melk die na 24 uur wordt ingevroren, ook niet meer in het ziekenhuis ontdooit en gebruikt wordt. Ik weet het, slecht voorbereid…




N* - dag 10

Met een klein hartje en een krop in mijn keel, verhuizen we vandaag naar N*.
De laatste halte voor we naar huis mogen.

En vlak voor de verhuis laat ik nog een potje vers gekolfde moedermelk over mijn schoot vallen. Wat heb ik gevloekt op mijzelf!

Boos, gefrustreerd en uitgeput
Dag 13

Vanavond kan ik niet te lang blijven omdat we om 22 uur een afspraak hebben bij Bianca voor het verwijderen van mijn draadjes, en om over de borstvoeding te babbelen.
Daarom heb ik dus ook geen tijd meer om een laatste keer in het ziekenhuis te kolven en vraag ik aan de verpleegster of er nog genoeg melk in de koelkast staat, zodat ik met een gerust hart kan vertrekken.
Nog 4 voedingen…
Dat is maar net genoeg tot de ochtend. Hoe kan zoiets?
Ik heb altijd te veel melk gehad en nu komen ze maar net toe?

Helemaal over mijn toeren vertrek ik naar Bianca.
Wanneer ze de deur open doet begin ik te huilen, om meteen daarna in de lach te schieten.
Wat een ellende...

Na een nachtje piekeren besluit ik de volgende dag om melk te gaan smokkelen. Thuis puilt de diepvriezer uit van de moedermelk. Dus ik ontdooi een potje, steriliseer het, en doe er de melk in die ik thuis kolf vlak voor ik naar het ziekenhuis vertrek.
In het ziekenhuis verzorg ik Finn, leg hem aan de borst, kolf daarna opnieuw, en geef de potjes samen af aan de verpleging.
Het mag niet, maar ik vind het belachelijk dat mijn kind kunstvoeding zou moeten krijgen terwijl ik zelf melk genoeg maak.
In andere ziekenhuizen krijgen mama’s kolfsetjes mee naar huis om te kolven, of wordt er wel ingevroren moedermelk gebruikt.

Tegelijk begin ik nu nog meer te kolven in het ziekenhuis, gewoon om er zeker van te zijn dat Finn altijd melk genoeg heeft. Mijn tepels doen er pijn van!

Een paar dagen later hoor ik iemand van de verpleging tegen een stagiaire vertellen dat ze altijd de meest verse melk eerst moet gebruiken. Ik geloof mijn oren niet. Daar zit dus het probleem!
Mijn melk wordt veel te snel ingevroren. Nooit van de FIFO-methode gehoord?
Ik spreek die persoon erover aan en leg uit dat ik wil dat mijn kind altijd moedermelk krijgt en dat ze de oudste melk eerst moeten geven.
De uitleg is dat de meest verse melk altijd het beste is. En dat kan wel goed zijn, maar als ze moedermelk 24 uur bewaren, moeten ze de oudste melk eerst opgebruiken, zodat er niets verloren gaat. Ik ben Finn zijn mama ik geef mijn toestemming daarvoor. Moedermelk van 24 uur oud is volgens mij nog altijd beter dan kunstvoeding.

Vanaf dan spreek ik ook met de verpleging af dat ik borstvoeding en flesjes zal afwisselen, ook overdag. Enerzijds om Finn niet uit te putten bij het drinken, maar ook om op die manier meer verse melk te kolven voor de koelkast.
Het gaat nog een aantal keren mis, en ik heb ook al verschillende keren gevraagd om goed te communiceren met de collega’s.

Op een avond word ik een beetje boos omdat het weer is fout gelopen.
Wat kan ik doen zodat dit niet meer gebeurt?
En ik wil niet boos zijn. Want ze zorgen allemaal zo ongelooflijk goed voor Finn en ik zie die mensen graag.
Ik maak het hun niet gemakkelijk en volgens mij hebben ze mij al dikwijls vervloekt.

En dan hoor ik een verpleegster tijdens de briefing zeggen dat ze goed moeten opletten bij Finn. Dat de mama van Finn absoluut wil dat er goed op de melk gelet wordt.
Oef!

Diezelfde verpleegster spreekt mij ook aan over het kolven.
‘ Het is niet normaal wat gij aan het doen zijt. Finn zijn hoeveelheid melk wordt vanaf nu regelmatig verhoogd. Er gaat een moment komen dat ge niet meer aan die hoeveelheden komt. Ge kolft de hele dag maar dit is niet vol te houden.’

En ze heeft gelijk. Ik weet niet hoelang ik dit nog ga volhouden.
Ik blijf doorgaan en hoop dat Finn snel naar huis mag.

Dag 26 - Wij mogen naar huis!

En we hebben het gered!

De volgende dag staat Bianca aan onze deur en ik ben zooooo blij haar te zien!

Als de bel gaat roept Ibe vanop het toilet dat hij klaar is, en ligt Finn net aan de borst.
Mijn eerste uitdaging met twee kleine kinderen. Hahahaha.

Bianca kijkt mee tijdens Finn zijn voeding en geeft nog een aantal tips om volledig naar borstvoeding te kunnen overschakelen.

De tweede dag thuis wil Finn ‘s avonds niet goed drinken aan de borst en daar maak ik me toch wat zorgen over. Hij heeft nog steeds moeite om zijn lichaamstemperatuur te houden en verbruikt daar veel energie mee. Ik besluit hem toch nog een flesje te geven om zeker te zijn dat hij genoeg melk binnen krijgt.

Ik kan mijn kolf niet meer zien!

Omdat ik door al dat kolven in het ziekenhuis nu overproductie heb, moet ik na elke voeding nog nakolven. Ook ‘s nachts…
En dat begint mij nu echt uit te putten.
Na een paar weken kan ik het kolven gelukkig beginnen afbouwen en echt gaan genieten van het borstvoeden.

Finn wil niet meer drinken

Finn is bijna 6 maanden wanneer ik merk dat hij slechter begint te drinken.
We hebben thuis een babyweegschaal staan er ik weeg Finn wekelijks om zijn gewicht in de gaten te houden. Hij is niet meer bijgekomen…

Bezorgd bel ik om raad te vragen.

Finn werd geboren met een probleem aan zijn hartje.
Tijdens de zwangerschap vermoedden ze een coarctatio (vernauwing aorta).
Normaal zou de ductus een paar dagen na de geboorte sluiten en bestond de kans dat de vernauwing meer uitgesproken werd, waardoor er geen bloedtoevoer meer zou zijn naar de onderste ledematen.
Zijn hartje lijkt zich na de geboorte te hebben aangepast en de vernauwing is nu eerder een hypoplasie.
Na 6 maanden is zijn ductus nog steeds niet dicht, en dit kan de oorzaak zijn van zijn vermoeidheid, waardoor hij nu zo slecht drinkt.

Na mijn telefoontje besluit ik hem een paar flesjes colostrum uit de diepvriezer te geven om wat aan te sterken en maak ik een afspraak bij de cardioloog.
We kunnen diezelfde dag nog langsgaan. Finn zijn ademhaling was altijd al vrij pufferig maar het is duidelijk erger geworden. Zijn linkerhart is vergroot en er wordt een ingreep gepland..

Een paar weken later worden we opgenomen in Leuven.

De dag voor de ingreep gebeuren er nog een aantal onderzoeken en een bloedname.
Daar zien ze dat Finn bloedarmoede heeft en een transfusie moet krijgen.
Nog een reden waarom hij waarschijnlijk zo moeilijk drinkt.

De volgende morgen is hij, zelfs voor de ingreep, al helemaal opgeklaard.
Wanneer hij wakker wordt uit narcose is hij heel onrustig, en als ik hem bij mij neem begint hij meteen te zoeken naar de borst. Grote honger! Lang leve mama’s borstjes.

Kolven op het werk

Een paar weken later, na mijn ouderschapsverlof en de eerste lockdown, begin ik terug te werken. En dat betekent ook dat ik mijn kolf terug moet bovenhalen…

Het was de bedoeling dat Finn regelmatig een flesje zou drinken om te blijven oefenen, zodat mama zonder zorgen terug zou kunnen gaan werken. Maar moeder heeft het niet goed onderhouden en dus moet Finn een paar weken voor mijn heropstart nog aan de fles leren drinken. Geen succes.. En mama slaat een beetje in paniek.
Maar dan kom ik op het idee om de wegwerpflesjes, waarvan Finn dronk op neonatologie, te bestellen bij de apotheek en daarmee lukt het dan toch.

Kolven doe ik op mijn werk gewoon aan mijn bureau, met een handsfree kolfapparaat.
Mijn collega’s moeten er nog even aan wennen, en dat zorgt soms voor grappige momenten.
Wanneer er iemand verder geholpen moet worden aan het onthaal springt een collega voor me in, en telefoneren met het getril van mijn kolfapparaat op de achtergrond is altijd een beetje gênant. Maar verder kan ik mijn werk perfect doen.

Papa eist zijn plek in bed terug op

Ja, Lennert wil terug in zijn eigen bed slapen.
Finn sliep oorspronkelijk in een bijslaper, naast ons bed.
Wanneer hij ‘s nachts moest drinken nam ik hem bij mij in bed en durfde ik wel eens zelf terug in slaap te vallen. En zo gebeurde het dat Finn zijn plekje in ons bed kreeg.
Ibe sliep door toen hij 3 maanden was. Finn wordt nog 3 - 4 keer per nacht wakker.
Lennert moet elke dag gaan werken, en hij kan me toch niet helpen met het voeden, dus verhuist hij naar Ibe zijn bed.

Als Finn 9 maanden is wil hij ‘s nachts steeds vaker aan de borst. Vooral om te tutten en ik slaap bijna niet meer.
Lennert heeft ook al een aantal keren gezegd dat hij terug in zijn eigen bed wil slapen en dus beslissen we om Finn in zijn eigen kamertje te leggen.
Oh wat heb ik veel zitten huilen in dat kamertje. Ik wil hem niet alleen laten.

Finn wordt opnieuw opgenomen in het ziekenhuis

Finn is bijna 1 jaar wanneer hij met een zware verkoudheid wordt opgenomen in het ziekenhuis.
Hij is te zwak om te eten of te drinken, zijn saturatie is te laag en hij ligt 5 dagen aan de zuurstof. Tijdens het bloedonderzoek merken ze dat zijn witte bloedcellen veel te laag staan. Waarschijnlijk is hij daarom zo ziek.
Omdat hij niet eet of drinkt krijgt hij vocht via een infuus, maar dankzij de extra zuurstof begint hij toch vrij snel terug aan de borst te drinken.
Ik probeer hem zoveel mogelijk aan te leggen, om hem snel te doen aansterken. Maar ik heb ondertussen niet meer genoeg melk om hem de hele dag te voeden en ik ben bang dat hij te weinig binnen krijgt.
Daarom beslis ik om hem toch wat poedermelk bij te geven, en zo drinkt Finn voor het eerst kunstvoeding. En dat is oké…

4 augustus 2021
We doneerden wat moedermelk voor de kindjes die het goed konden gebruiken. Er zit nog steeds een beetje (veel) moedermelk in onze diepvriezer. Vervallen ondertussen, maar ik kan het niet weggooien. Misschien laat ik er nog wel een moedermelk juweeltje van maken.

Het was met momenten enorm zwaar. Ik heb vaak gevloekt en gehuild, maar nog vaker genoten van die fijne momenten met Finn.
Finn is nu 21 maanden. Mijn melk is bijna volledig op, maar hij ligt nog graag elke dag eventjes aan de borst. Als hij moe is, troost nodig heeft, voor de gezelligheid of als slaapmutsje.
En ik laat hem. En ik geniet voor zolang het nog duurt.

Het was het zooooo waard.

Deze ingave werd gepost op 10 oktober 2019
Het Prille Begin