Het geboorteverhaal van Finn

Mijn geboorteverhaal van Finn

Mijn geboorteverhaal van
Finn

Thuis, in alle rust, Lennert en Ibe dicht bij mij, met de steun van Lieve, Bianca en Ellen en een geboortefotograaf erbij. Zo had ik me deze bevalling voorgesteld.
Maar het liep anders…
Donderdag 3 oktober 2019 – 31 weken en 5 dagen zwanger
De gynaecoloog wil mij twee weken na de 30-weken echo al terugzien omdat Boontje maar heel klein lijkt te zijn. (Boontje is trouwens de naam die wij bedacht hebben voor de baby in de buik).
Zelf maak ik me niet veel zorgen omdat ik bij de geboorte ook maar 2,5 kg woog. Ons eerste kindje, Ibe, werd ook heel klein geschat maar bij hem ging ik overtijd en hij had toch een mooi geboortegewicht. ‘Ik maak gewoon kleine baby’s.’ dacht ik…
De gynaecoloog doet opnieuw een meting. Zijn hoofdje zit op schema, maar de rest blijft hetzelfde. Boontje wordt – net als bij de echo op 30 weken – geschat op 1300 gram en ze vraagt mij een week later weer terug te komen.

Donderdag 10 oktober 2019 – 32 weken en 5 dagen zwanger
Nog steeds 1300 gram. Later die voormiddag zou ik nog gezien worden door een collega maar ze besluit mij wel al voor een nacht te laten opnemen om longrijping te geven en Boontje zo voor te bereiden op een eventuele vroeggeboorte.
Na een tweede echo en een telefoontje met de collega’s van Genk, beslissen ze mij daar te laten opnemen op de MIC. De volgende dag zouden ze daar een nieuwe uitgebreide echo doen.
‘Een thuisbevalling kan ik vergeten zeker?’ vroeg ik nog. En ja, dat idee mag ik uit mijn hoofd zetten.

Vrijdag 11 oktober 2019 – 32 weken en 6 dagen zwanger
De gynaecoloog die deze echo doet is gespecialiseerd in hoogrisico zwangerschappen. Ook zij schat dat Boontje rond de 1300 gram weegt.
Tijdens de 20- weken echo zag de gynaecoloog die de expertise echo deed al een nierstuwing aan de rechterkant maar hij vertelde mij dat zoiets vaak vanzelf weer verdwijnt. Op deze echo is er nog steeds een vrij grote nierstuwing te zien. Als ze verder kijkt ziet ze ook nog een vermoedelijke coarctatio. De kinderuroloog en kindercardioloog komen erbij om de beelden te bekijken en leggen aan ons uit wat er te zien is en wat er na de geboorte zal gebeuren.
En zo gaan we van een baby die wat kleiner is dan gemiddeld, naar een baby die niet meer lijkt te groeien, brain-sparing doet, een nierprobleem en een vermoedelijk hartprobleem heeft. Waarom deze problemen er zijn kunnen ze niet verklaren. We kunnen ervoor kiezen om een vruchtwaterpunctie te laten uitvoeren maar op die resultaten zouden we twee weken moeten wachten en het verhoogt de kans dat ik vroeg zou bevallen dus dat doen we liever niet. Aan de resultaten zouden we trouwens niets kunnen veranderen, we zouden alleen voorbereid zijn.
Het plan is om af te wachten hoe Boontje het doet. Ik moet iedere dag 3 keer aan de monitor en ze maken 2 keer per week een echo dopplers om te zien of de doorbloeding stabiel blijft. Van zodra Boontje aangeeft dat het niet meer gaat, laten ze hem geboren worden. Ze willen hem liever nog wat in de buik laten zitten, in de hoop dat hij toch nog wat groeit.
Dit betekent dus dat ik het ziekenhuis niet meer zal verlaten voor Boontje geboren is..
Een paar dagen later gaan we nog voor een second opinion naar Leuven en daar vertellen ze ons hetzelfde als in Genk, waardoor we toch wat geruster zijn.
De weken op de MIC zijn voor mij heel lastig. ‘De mama is de beste couveuse.’ zeggen de dokters.
Maar dat gevoel heb ik niet. De doorbloeding naar mijn baarmoeder is niet goed, de doorbloeding van mijn placenta is niet goed en ik heb een SUA. Ik ben mijn kindje aan het uithongeren en snap niet waarom hij dan toch beter bij mij blijft.
Zijn gewicht is veel te laag maar zijn organen blijven ondertussen wel ontwikkelen.
Thuis heb ik nog een kindje die mij nodig heeft, maar we kunnen hem niet vertellen hoelang ik nog in het ziekenhuis zou moeten blijven.
Hele dagen lig ik te piekeren over wat er aan de hand is. Heb ik iets verkeerd gedaan? Had ik meer moeten rusten? Heb ik teveel stress gehad? Is er iets mis met mijn lichaam?
‘Hoe gaat het?’ is een vraag die de vroedvrouwen mij vaak stellen en die meestal uitdraait in tranen en heel veel dozen tissues.
Ik had zo graag allebei mijn kindjes thuis op de wereld gezet, en ik blijf het er moeilijk mee hebben dat dat niet kan. Ik ben één van die rare vrouwen die vol enthousiasme over haar bevalling vertelt en nog wel 10 kinderen op de wereld zou zetten, gewoon om die bevalling nog eens mee te maken. In het ziekenhuis zou ik NOOIT bevallen! Dat heb ik altijd gezegd..
In dit geval weet ik wel dat het absoluut niet veilig zou zijn voor Boontje en dat maakt het makkelijker om te aanvaarden. Hij is natuurlijk het belangrijkste, maar dat betekent toch niet dat ik me daar zomaar oké bij moet voelen?
Iedere dag komen de dokters langs op de kamer en dan gaat het vaak over de bevalling. Een doula mag niet binnen in de verloskamer dus ik wil er zeker van zijn dan ik alles besproken heb. Ibe is geboren zonder knip of scheur, dus dat mogen ze nu alleen maar doen als de baby in gevaar is. Ze mogen mij tijdens de arbeid niet vragen of ik een epidurale wil want dan zou de kans heel groot zijn dat ik ja zou zeggen. Ik wou zoveel mogelijk kunnen rondlopen en van positie kunnen veranderen zodat alles vlotter zou verlopen. En oh ja, ik zou ook niet met mijn benen in de beugels gaan liggen!
Ik weet niet wie er na dat gesprek het meeste tegen de bevalling opzag, ik of de dokter?
Maar voor de bevalling moet Boontje eerst de stresstest nog goed doorstaan. Als dat niet het geval is zouden ze meteen overgaan tot een keizersnede.



25 oktober 2019 – 34 weken en 6 dagen zwanger
Vandaag doen ze opnieuw een groei -echo. Boontje is 200 gram bijgekomen! En dat hadden we niet verwacht.. Dus ik mag nog wat zwanger zijn. Maar ze plannen toch al een datum voor de stresstest en de bevalling. 4 november 2019.

31 oktober 2019 – 35 weken en 5 dagen zwanger
Om 8 uur ’s morgens word ik verwacht voor een echo dopplers. ‘Zijt ge zenuwachtig?’ vraagt de vroedvrouw die met me meeloopt. Maar ik ben helemaal niet zenuwachtig. Na al die voorgaande echo’s, die trouwens altijd stabiel bleven, was ik het wel gewoon. Ik ga ervan uit dat nu ook alles nog “in orde” zou zijn.
Maar als de dokter bij één van de bloedvaten wat langer blijft staan weet ik dat er iets niet klopt. Bij de vorige echo’s hadden ze uitgelegd waar ze naar kijken, wat ze willen zien en wat er niet mocht gebeuren. Op deze echo kan ik dus zelf al zien dat de doorbloeding niet goed is.
Ze legt mij uit wat ze ziet en zou de resultaten bespreken met haar collega’s.
Even laten komt één van de gynaecologen mij vertellen dat ze Boontje gaan halen via een keizersnede.
Ik heb nog even de tijd om de douchen en ondertussen is Lennert onderweg naar het ziekenhuis.
Ik reageerde vrij goed op het nieuws van de keizersnede. Tot de vroedvrouw mij kwam voorbereiden…
Een blaassonde, iets tegen de misselijkheid,.. Ik zie het niet meer zitten. En dan moesten die epidurale en de operatie zelf nog volgen.
Voor ze mij binnen rijden in de operatiekamer komt de dokter die de keizersnede zal uitvoeren zich kort voorstellen. Ik heb hem nog nooit eerder gezien.
Lennert moet even buiten wachten terwijl ze mij verder voorbereiden. Het is de eerste keer dat ik in een operatiekamer kom en ik zie allemaal onbekende mensen die mondmaskers dragen. Gelukkig is Goele, een vroedvrouw van de MIC, erbij en daardoor voel ik mij wat meer op mijn gemak.
Als ik moet overkruipen naar de operatietafel word ik plots misselijk en moet ik overgeven, ik begin te huilen en wil er zo snel mogelijk vanaf zijn.
Die epidurale stelt eigenlijk ook helemaal niet zoveel voor.
‘Ik kan dat voelen.’ zeg ik terwijl iemand mijn buik aan het ontsmetten is. Dat ik alles kan voelen is normaal maar het zou geen pijn doen.
‘Ge zijt toch zeker dat die verdoving werkt?’ vraag ik.
‘We zijn al aan het snijden, dus anders hadden we u al horen roepen.’
Geweldig!

En toen hoorde ik gehuil. Wat een opluchting! Finn is geboren..
Ik kan hem nog even zien voor ze hem meenemen. Hij ziet er zo klein uit, maar ook zo perfect. Hij lijkt als twee druppels water op zijn broer.
Daarna sluit ik mijn ogen en wacht ik tot ze klaar zijn met hechten.
Drie uur later brengen ze mij met het bed naar de NICU en kan ik even bij hem blijven en hem eindelijk aanraken. En ik hoop dat hij voelt dat ik er ben..

Dus soms loopt het anders, en dan moet je het loslaten.
Dit is alles behalve het verhaal dat ik had willen schrijven.
Het lijkt alsof ik zijn geboorte een beetje gemist heb, maar Finn was veilig en doet het goed nu.
Dus het is helemaal oké, denk ik..
Deze ingave werd gepost op 31 oktober 2019
Het Prille Begin